Gedenksteen voormalig barakkenkamp De Bruine Enk onthuld

Opperrabbijn Binyomin Jacobs en burgemeester Breunis van de Weerd van de gemeente Nunspeet hebben, onder grote belangstelling, op de hoek van de Hullerweg en de Waterweg een gedenksteen geplaatst ter nagedachtenis aan het voormalige barakkenkamp De Bruine Enk dat hier was gevestigd.

Wijnand Kooijmans

De gedenksteen is een initiatief van de heemkundige vereniging Nuwenspete. Bedoeld om de geschiedenis van het kamp niet te vergeten. Hierop werd ook gewezen door opperrabbijn Jacobs die verwees naar de mensen die vanuit het kamp zijn afgevoerd om nooit meer terug te keren. Ook ging hij in op de rampzalige jaren 1940-1945 en de velen, Joden en anderen, die in deze periode de dood hebben gevonden en geleefd in een land dat met harde hand door de onderdrukkers werd geregeerd.

GEVAREN Jacobs wees ook op de gevaren van het voortwoekerende antisemitisme en de heersende rassenhaat die momenteel plaats vindt. Na de onthulling werden, volgens Joodse traditie steentjes gelegd op de gedenksteen. Ook werd het thema gespeeld uit de film Schindlers List.

De steen is geplaatst op een stuk grond dicht bij de ingang van het gebouw van het Korps Levende Have. De kosten van de gedenksteen zijn gedekt door bijdragen van Commissie Kerk & Israël van de Hervormde Gemeente te Nunspeet, Chr. Geref. Gemeente ‘Ichthus’ en de Rabobank. Nuwenspete voor eigen rekening genomen en gaat ook het onderhoud verzorgen.

WERKKAMP De Bruine Enk was een werkkamp in het kader van de werkverschaffing door de Rijksdienst voor de Werkverruiming. De bouw van de barakken werd rond september 1940 voltooid. Voor zover bekend is het kamp in ieder geval vanaf november 1940 bewoond. Er was in 1941 woonruimte voor 120 bewoners. Die werden tewerkgesteld bij projecten van de Heidemij, onder meer in Vierhouten.

De eerste schriftelijke bewijzen voor het gebruik van het kamp voor het interneren van Joden dateren uit september 1942. Het kamp vormde een buffer voor concentratiekamp Westerbork. Joodse mannen moesten dwangarbeid verrichten voor de Heidemij. Volgens historicus Hendrik van Heerde ging het om zo’n zestig Joodse dwangarbeiders.

DAGBOEK Van Heerde schreef in zijn dagboek dat de inwoners van Nunspeet via het gemeenteblaadje werden gewaarschuwd geen voedsel en andere zaken aan Joden te verstrekken in het kamp.

Alle Joodse mannen werden in de nacht van 2 op 3 oktober uit de werkkampen weggevoerd naar Westerbork. Volgens Van Heerde om daarna op transport te worden gezet naar Polen. De kampbewoners kwamen en vertrokken via Station Nunspeet. Over het gebruik van het kamp na het vertrek van de Joden is weinig tot niets bekend. Wat bekend was komt veelal uit de gegevens die Van Heerde heeft nagelaten.

BOERDERIJ Na de oorlog maakte de voetbalvereniging Hulshorst gebruik van De Bruine Enk als voetbalveld. Onder de naam Bruine Enk is aan de Hullerweg ook een sloperij gevestigd. De boerderij met deze naam bestaat ook nog, zij het dat de naam de gevel niet meer siert. Of het kamp op precies dezelfde locatie was gevestigd is echter nooit helemaal duidelijk geworden.

Bron: http://veluweland.nl/lokaal/gedenksteen-voormalig-barakkenkamp-de-bruine-enk-onthuld-285358

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail