VERKLARING OPPERRABBIJN JACOBS dd. 11 JAN 2018

Met instemming heb ik kennisgenomen van de verklaring van de besturen van het NIK, IPOR en de Joodse Gemeente Nijmegen naar aanleiding van recente berichtgeving in De Telegraaf over vermeend seksueel misbruik door een rabbinaal medewerker in Nijmegen.

Dat vermeende misbruik zou hebben plaats gevonden voor hij werkzaam in Nederland was. Het is de tweede keer dat een beschuldiging van misbruik aan het adres van de dezelfde rabbinaal functionaris wordt geuit.

Na de eerste klacht is op mijn verzoek een onderzoek ingesteld dat geen bezwarende feiten opleverde. Het verslag van dat onderzoek is in februari 2011 notarieel vastgelegd.

In 2013 ben ik vanuit de V.S. informeel ervan op de hoogte gesteld dat zich een tweede slachtoffer van misbruik aldaar door rabbinaal medewerker zou hebben gemeld. De identiteit van het vermeende slachtoffer werd mij- ondanks herhaald verzoek- niet meegedeeld.Zonder de identiteit van de beschuldigde en details van de beschuldiging te kennen heb ik de tipgever in de V.S. laten weten geen actie tegen rabbinaal medewerker te kunnen ondernemen of een onderzoek in te kunnen stellen.Tot op heden (vijf jaar verder) heeft het vermeende slachtoffer geen contact met mij opgenomen.

Nu zijn identiteit wel bij derden (journalist van de Telegraaf) bekend is ben ik van oordeel dat er een diepgaand en professioneel onderzoek naar de feiten en omstandigheden dient te worden ingesteld. Dit in het belang van zowel vermeend slachtoffer als vermeende dader. Op de uitkomst daarvan wens ik niet vooruit te lopen.

Met klem bestrijd ik de in het artikel van De Telegraaf door informanten gedane suggestie als zou ik in deze casus, zowel als in de misbruik- zaak binnen het Cheider, een en ander met de mantel der liefde hebben willen bedekken en binnenskamers hebben willen houden.

Het absolute tegendeel was het geval. In de Cheider- kwestie heb ik telkens met klem ouders geadviseerd aangifte bij de politie te doen. Seksueel misbruik van kinderen is een zeer ernstig vergrijp en beschuldigingen in die richting mogen dan ook- mits aangetoond- nimmer zonder gevolgen blijven. Hangende het onderzoek geldt echter ook voor beschuldigden van seksueel misbruik de onschuldpresumptie.

Ik ben van mening dat ik correct en volledig volgens wet en regelgeving gehandeld heb. Om de schijn van toedekking van eventuele feiten te vermijden zal ik bij adviserende deskundigen te rade gaan om in deze zaken een onafhankelijke comissie samen te stellen die zal onderzoeken of mij in deze kwestie als (opper)rabbijn enig verwijt van onjuist of onethisch handelen kan worden gemaakt.

Met klem roep ik eventuele andere vermeende slachtoffers op zich bekend te maken en aangifte tegen de vermeende dader bij de politie te doen.

In het belang van het onderzoek wil ik verder geen mededelingen doen en wacht de uitkomst af.

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Sorry, comments are closed for this post.